de Broonk

Zaterdag

Zaterdags voor de "broonk" wordt de kermis door de Jonkheid ingeschoten met 63 kamers. Dit gebeurt na de avondmis. Een oud gebruik om de inwoners van Mheer en wijde omgeving te laten weten: "Meurige is broonk i Mheer!"


Het vuur 'kruipt' naar de volgende kamer.

 

 
Zondag 

Zondagmorgen al vroeg uit de veren, want om 5(!) uur 's morgens is het verzamelen geblazen voor de tamboers van de schutterij en voor de bestuursleden van de Jonkheid voor de reveille. Voorheen, toen er nog geen drumbands bestonden en de schutterij slechts over één of enkele tamboers beschikte, ging of gingen deze op zondagmorgen in alle vroegte trommelend door de straten van Mheer om de mensen te wekken en te laten weten (voor diegene die het nog niet wisten): Opstaan, vandaag is "broonk"!



Met de opkomst van de drumbands is deze traditie verwaterd, maar in het jaar 1975 hebben enkele tamboers van de schutterij besloten om deze traditie weer nieuw leven inte blazen en de bestuursleden van de Jonkheid hebben toen spontaan hun medewerking aangeboden. Sindsdien worden de mensen van Mheer niet alleen met tromgeroffel en klaroengeschal, maar ook met luide knallen van de kamers, afgeschoten door de Jonkheid, uit hun slaap gehaald.

Om half tien moeten de bestuursleden van de Jonkheid weer aan de kerk zijn om de processie op te stellen. Mensen die niet lid zijn van een vereniging die met de "broonk" meegaat, worden in de week voor de "broonk" aangeschreven, met het verzoek om in de processie mee te helpen dragen aan de hemel, een beeld of een vaandel. Sinds dit systeem op initiatief van pastoor Sliwa is ingevoerd, zijn er geen problemen meer om alle attributen in de processie mee te voeren. Het is in het verleden wel eens gebeurd dat er beelden tijdens de processie, aan een rustaltaar, zijn blijven staan, omdat er te weinig aflossing aanwezig was. Nog veel vroeger, en wel in het begin van de 18de eeuw, was dit nog helemaal geen probleem, want toen kregen alle dragers betaald voor hun hulp!

De meisjesgroepen, de communicantjes en de jongensgroep van de jonkheid worden verzorgd door de dames van de L.V.B, zodoende wordt bereikt dat bijna iedere inwoner van het dorp een taak heeft in de processie.
                                                         


 

Maandag

Op broonkmaandag wordt om 10 uur een H. Mis opgedragen voor alle levende en overleden leden van de Jonkheid en de schutterij. In vroeger jaren was de Heilige Mis voor de Jonkbeid om 9 uur en die voor de schutterij om 10 uur, maar omdat op een gegeven moment de meeste mensen om 10 uur naar de kerk gingen heeft men besloten om een gezamenlijke H. Mis te laten doen voor beide verenigingen. Gedurende deze mis worden alle kamers die de Jonkheid rijk is, in stelling gebracht en tijdens de consecratie afgeschoten. Na de mis nemen enkele bestuursleden van de Jonkheid weer plaats voor het innen van het ledengeld.


Na de mis gaan schutterij en jonkheid de overleden leden herdenken.



Rond het middaguur stellen de aanwezige verenigingen zich op in de oprit van het kasteel met voorop het bestuur van de Jonkheid, daarachter schutterij St. Sebastianus en achteraan harmonie St. Cecilia, om een aubade te brengen aan de familie de Loë als dank voor de ondervonden steun in het afgelopen jaar.
De baron dankt voor de gebrachte hulde en nodigt iedereen uit om een glaasje te komen drinken. Hierna wordt een rondgang gemaakt door het dorp met rustpauzes bij de plaatselijke horeca-ondernemers. Vervolgens gaat men naar de ouderlijke woning van de kapitein van de Jonkheid, waar de voorzitter van de schutterij namens de hele dorpsgemeenschap de kapitein en de andere bestuursleden van de Jonkheid bedankt voor hun belangeloze inzet met de broonk-processie en andere activiteiten in het afgelopenjaar. Tevens wordt dan steeds de hoop uitgesproken, dat de verstandhouding en samenwerking tussen de verenigingen optimaal zal blijven.
De kapitein spreekt vervolgens namens de Jonkheid een woord van dank uit aan alle verenigingen en mensen voor hun medewerking aan de "broonk" en de gebrachte hulde. Hierna nodigt hij alle aanwezigen uit voor een hapje en een drankje.
De leden van schutterij en harmonie en de talrijke omstanders slaan deze uitnodiging vanzelfsprekend niet af en laten zich de aangeboden koffie en broodjes en het onvermijdelijke bier goed smaken. Dit inspireert de her en der verspreid zittende leden van de harmonie tot het spelen van enkele vrolijke marsen.
Als de stoet weer opgesteld staat gaat men naar de woning van de koning van de schutterij, waar deze uitgebreid wordt gefeliciteerd en gehuldigd. Ook deze laat zich niet onbetuigd en nodigt allen uit voor een koele dronk.

Tegen de avond verzamelen de bestuursleden van de Jonkheid zich ten huize van de kaptein waar men van een gezamenlijke maaltijd geniet, alvorens men zich in het feestgewoel stort in de plaatselijke cafés.

 

Dinsdag

De laatste dag van de "broonk" wordt het "päölke-howwe" gehouden. De bestuursleden van de jonkheid vertrekken dan samen met de schutterij rond half zes voor het kappen van de her en der door de inwoners geplante "päölkes". Zolang de harmonie nog niet aanwezig is, en er dus nog niet gereid kan worden, helpen de bestuursleden van de jonkheid mee om de toeschouwers te voorzien van een "drupke" of van de andere drankjes die bij de palen gevonden worden.


De bielemennekes geunt mit poalke houwe veurop um de poalkes um te houwe.


Tegen half acht zijn meestal genoeg muzikanten aanwezig om een aanvang te maken met het spelen van de cramignon. De cramignon is een rei-dans van Waalse (anderen spreken van Spaanse of Franse) oorsprong, die nog maar in een paar dorpen aan de zuidgrens van onze provincie gespeeld en gedanst wordt. In Mheer wordt tegenwoordig alleen nog maar gereid op broonkdinsdag. Tussen de twee wereldoorlogen, toen de schutterij van Mheer rustend was en er dus geen activiteiten waren op broonkmaandag, ging de jonkheid samen met de harmonie twee dagen, op maandag en dinsdag, door het dorp. De Jonkheid ging dan rond met het ledenboek en iedereen die minimaal 25 cent betaalde, kreeg een roos (een papieren bloemetje) opgespeld en mocht dan mee-reien.

Zoals we al zagen, wordt er nu nog gereid op broonkdinsdag en dit gaat ongeveer als volgt: De kapitein van de jonkheid gaat voorop met een bos bloemen in zijn hand en hierachter sluiten alle jongens en meisjes (liefst om en om) van het dorp hand in hand aan en al slingerend en laverend tussen schutters en muzikanten door springt men op de maat van de muziek. Als de cramignon van Mheer wordt gespeeld kan men zelfs nog meezingen: "e Sjtukske sjeenk mit mosterd op, dat hub veer, dat hub veer, dat hub veer zoe gêre ".

Bij de pastorie speelt zich sinds de komst van pastoor Sliwa (alweer!) een aparte ceremonie af. Alvorens de paal voor de pastorie omgekapt wordt, wordt het "verhaol van d'r paol" ; (geschreven door meneer pastoor) voorgelezen. Daarna krijgt de kapitein van de jonkheid de scepter uitgereikt om hiermee voorop te gaan in de cramignon. In het begin werd ieder jaar een nieuwe scepter gemaakt, maar in 1982 heeft dokter van Buchem een meer solide exemplaar gemaakt en die wordt nu ieder jaar opnieuw uitgereikt. Wel wordt ieder jaar een koperen plaatje eraan bevestigd met de naam van de regerende kapitein.

De commandant van de schutterij leest het gedicht voor.
Meneer pastoor staat klaar met de 'knots' om even later aan de
kapitein te overhandigen.



Al reiend trekt men achter de bielemennekes van de schutterij het hele dorp door. Op de binnenplaatsen van enkele hoeves worden er diverse walsjes gespeeld waarop gedanst kan worden. Bij café "in de Smidse", het schutterslokaal, wordt de laatste paal omgehakt en hier worden dan nog enkele gezellige uurtjes doorgebracht. Als men dan toch uiteindelijk naar huis gaat en men zich realiseert dat het feest is afgelopen, denkt men weemoedig terug aan hoe mooi het toch was, die "sjoen, sjoen broonk!"